In en om Assen





Dhr. Chr. van Egmond


Bronvermelding:
'Waar men den kranke, zoo 't kan, geneest ...' Jubileumboek 75 - jarige geschiedenis van het Wilhelmina ziekenhuis in Assen, 1985. Teksten Bertus Boivin en Chris van der Veen.


Manusje van alles dhr.. Chr. van Egmond


"Je had contact met iedereen en je deed ook alles "


"Tien jaar ziekenhuis, ik zou er wel een boek over kunnen schrijven. " Voor de heer Chr. van Egmond staat één ding als een paal boven water, de periode tussen 1948 en 1958 toen hij als timmerman bij het Wihelmina Ziekenhuis werkte was de gelukkigste van zijn leven. "Ja, bedenk wel, " zegt hij heel ernstig "ik was er met lood in de schoenen heengegaan hoor. Voor mij was 't een hele overgang, zo van de bouw naar een totaal andere werksfeer. Je had contact met iedereen en je deed ook alles. Ik was niet alleen timmerman, maar ook metselaar, voeger en stucadoor. Je was manusje van alles en dan op een heel plezierige manier. U kunt zich wel voorstellen dat er zich heel wat mooie taferelen hebben afgespeeld. Je maakte stellages voor breukpatiënten en je hielp kraamvrouwen naar boven takelen in de kraamkliniek aan de Beilerstraat. Dat was iedere keer weer een heel geheisa, daar op die smalle trap."

De naam van de heer Van Egmond zal voor veel (oud)personeelsleden van het ziekenhuis onlosmakelijk verbonden zijn met de personeelsvereniging, die in zijn tijd werd opgericht. Hij weet zich nog exact te herinneren hoe dat in zijn werk ging. "Op een morgen sprak dokter Mook me aan en hij vroeg zo langs z'n neus weg hoe ik mijn vakantie zou gaan doorbrengen. Je had toen geloof ik een week vakantie. Maar goed, ik wist eigenlijk niet wat ik er aan had. Ik zei dal het er van afhing, misschien - als de familie ons kon gebruiken - gingen we wel met de fiets naar Dieren of naar Rheden. Dokter Mook zei verder niets. Maar later op de dag kwam hij erop terug en vertelde me dat hij het bestuur wilde voorstellen een tweedehands caravan voor het personeel aan te schaffen. Nou, dat leek me geweldig en zo is 't eigenlijk begonnen.

Ik was de eerste die met mijn gezin de caravan bewoond heeft. Dokter Mook reed het geval met Pasen naar het terrein van Beatrixoord in Appelscha en daar hebben we dan voor 't eerst in ons leven op die manier een paar dagen doorgebracht. Kijk. dat 't toen met Pasen nog behoorlijk vrieskoud was dat is verder voor het verhaal niet zo belangrijk, 't Gaat om het idee en daarvan kan ik alleen zeggen dat directie en bestuur er alles aan deden om het personeel 't zo goed mogelijk naar de zin te maken. Die caravan is later overal naartoe gebracht. We zijn zelfs jarenlang naar de Diemelsee in Sauerland geweest. Nou, die Duitsers keken hun ogen uit, dat het personeel door de artsen gehaald en gebracht werd. Dat vonden ze 'fabelhaft'."

Het idee om een personeelsvereniging op te richten was ook afkomstig van dokter Mook. "Toen hij er met me over begon, heb ik er eerste wel even tegen aan zitten hikken. U moet weten, ik ben een vakbondsman in hart en nieren en een personeelsvereniging die de belangen van het personeel zou gaan behartigen, daar voelde ik natuurlijk niets voor. Maar dat is ook nooit de bedoeling geweest, het was veel meer een ontspanningsvereniging. Het ziekenhuis werd in de loop van de lijd natuurlijk steeds groter, er kwam meer personeel en om de onderlinge banden wat aan te halen kon zo'n vereniging heel goede diensten doen. Samen met zuster Wiersum, die toen hoofd van de mannenafdeling was en met mej. Groenwold, hel hoofd van de keuken, hebben we toen in '52 als voorbereidingscommissie de personeelsvereniging van de grond gekregen. Contributie: een dubbeltje per week en zeker 90 procent van het personeel werd lid.

We hebben voor die tijd geweldige culturele avonden georganiseerd in de eetzaal. Ja werkelijk, avonden van hoog niveau. We hadden eersteklasartiesten, Otto Sterman en die man met z 'n Amsterdamse volkshumor, Willem van Iependaal. Ija, wat deed je verder. Veel fietstochten, de nachtegaal beluisteren in hel Pelinckbos, oriënteringsritten, schaatswedstrijden op het Asser Wijkje, er waren wandelgroepen onder leiding van de heer Schuiling. En natuurlijk de nodige sportieve aktiviteiten. In de timmerwerkplaats kwam 's avonds een tafeltennistafel te staan, met een grote ketel chocola op de kachel. En iedereen deed mee, hè, van de knaap die iedere dag de aardappelen naar de gevangenis bracht om ze daar te laten schillen, tot en met het hoogste personeel. "

Bij die ene caravan en een actieve personeelsvereniging is het niet gebleven. In de tijd dat de heer Van Egmond voorzitter van deze vereniging was, werden ook de eerste voorzichtige stappen gezet op de weg naar een eigen personeelsorgaan ( 'dat kwam ook vrij onregelmatig uit') en kreeg het personeel naast de caravan de beschikking over een legertent en een zomerhuisje, een geschenk van mr.J. Cramer en oud-patiënten. "Met elkaar hebben we er wat van gemaakt", stelt Van F.gmond tevreden vast. Dat zijn eigen inbreng daarbij bepaald niet te verwaarlozen is geweest, daarover begint hij niet uit zichzelf. Maar de oorkonde die hem bij de benoeming lot ere-voorzitter van de personeelsvereniging werd uitgereikt en die hij met gepaste trots laat zien is hiervan een duidelijk bewijs.






© 2006-2009 www.mijn-eigen-website.nl